We hebben 122 gasten en geen leden online

COLUMN: Wijn van straks

Je zult maar wijnboer zijn en niet weten wat voor wijn je over een paar jaar maakt. Met dat probleem zitten vooral Franse wijnbedrijven die dag in dag uit te horen krijgen dat klimaatgrillen steeds grotere risico’s veroorzaken. Waartegen dan bovendien nauwelijks een betaalbare verzekering mogelijk is. Niet dat er geen experts rondlopen die geregeld de zielen van wijnboeren masseren. Vooral bij de categorie die denkt: ik moet nu zorgen dat ik financieel overleef en verder zal het mijn tijd wel duren. Die berustende houding wordt op samenkomsten van allerlei wijncomité’s geregeld aan de orde gesteld. Want voor je er erg in hebt is het 2050, het jaar waarin het Franse druivenleven drastisch zal zijn veranderd. Evenals dat van de wijnconsument, die tegen die tijd met volstrekt andere smaken te maken krijgt en zich-niet ondenkbaar- tot andere alcoholica zou kunnen bekeren omdat de Nieuwe Beleving hem tegenvalt. Het wetenschappelijk deel van de ‘profession’ haalt daarom alles uit de kast om wijnboeren te laten overleven en Frankrijk als gidsend wijnland op de wereldkaart te houden.

 

Straling

In het begin dachten de geleerden nog dat het probleem zou zijn opgelost als wijngaarden maar de hoogte in zouden gaan. Maar daarbij zijn de mogelijkheden begrensd. Niet in de laatste plaats omdat de ultraviolette B-straling die de druiven daar ondergaan een kritische limiet kent. Daarboven vallen de voordelen van meer polyfenolen en aromatische ontwikkeling weg en neemt de kans op ‘blockage’ (onrijpe tannines) toe.

De volgende stap was de experimentele wijngaard. Daarin wordt nog steeds gestoeid met druivenrassen en kruisingen die resistent zijn tegen de ergste klimaatziekten, zoals schimmels en rot. Daarbij wordt ook gedacht aan de verplaatsing van variëteiten. Zo zou de syrah, een typische midi-druif, het bij opwarming van de regio het straks ook goed kunnen doen in de Bordelais. Maar het meeste heil wordt op dit moment gezien in hittebestendige druiven, waarvoor de Fransen overheid al een toelatingsregister heeft geopend. Dat maakt het nu al mogelijk met tot voor kort onbekende druiven te werken, bij voorkeur in de assemblage. Rond Montpellier bevindt zich het grootste areaal ‘alternatieve’ druivenrassen, waarvan de eigenschappen bij extreme weersomstandigheden uitvoerig worden bestudeerd en geregistreerd.

 

Bureaucratie

Los daarvan zijn er ook nog bureaucratische haken en ogen aan klimaat-gedreven omschakeling. Zo congresseerden dezer dagen in Calvi op Corsica de Franse ‘appellation’-comité’s. Daar werd geconstateerd dat steeds meer wijnboeren de AOC-status eraan geven en ‘vrijere’ wijnen met aanzienlijk minder regeldwang gaan maken. Daar werd tegen gewaarschuwd, omdat het AOC-systeem vooral terroir-gebonden is en daarmee het hart van de Franse kwaliteitsproductie, een rolmodel voor de wijnwereld. Als tweede bedenking kwam daar ter tafel dat de AOC andere rassen dan afkomstig van de Vitis Vinifera uitsluit. Dat betekent dat veel kruisingen die zich nu als hitte- of parasiet-resistent aandienen ook in de toekomst niet voor AOC-wijnen kunnen worden gebruikt. En gegeven het tempo waarin het Franse staatswijninstituut INAO beslissingen neemt, valt niet te verwachten dat voorstellen om die impasse te doorbreken snel een kans maken. Het derde aandachtspunt van het AOC-congres gold de wijnconsument. Want bij alle pogingen om Frankrijk als wijnnatie ook na 2050 overeind te houden, wordt de wijndrinker zelf niet of amper betrokken. En dat is toch degene die straks bepaalt of hij bij al die smaak- en kwaliteitsverandering nog wel een wijnvriend blijft of niet.

Transitie naar andere rassen betekent overigens niet dat de wijnboer dan een zekere toekomst tegemoet gaat. Nu al heeft de wijncultuur te maken met extreme klimaatverschijnselen die aanzienlijke schade aanrichten. En daartegen is nog altijd geen kruid gewassen.