We hebben 90 gasten en geen leden online

Unieke bezoekers

4081401
Vandaag
Gisteren
Deze week
Tot en met vorige week
Deze maand
Vorige maand
Alles vanaf 13-11-2012
1067
2221
1067
4067472
42227
51437
4081401
Uw IP 54.198.143.210
Server Time: 2017-10-23 13:42:48

COLUMN: Katan-stan gesloopt

Aan een ‘Dagboek van een gezonde wijndrinker’ begin je niet zomaar. Alleen de titel is al lichtelijk provocatief. Je kunt dus al bij voorbaat rekenen op een vracht kritiek van de anti-alcohol-lobby. Die zit bij ons goed verankerd in de Gezondheidsraad, die wijn in feite uit de kwaliteit van het Bourgondische bestaan heeft verbannen. Wijn-verguizers werden daar als adviseur omarmd. Zoals de hooggeleerde eet- en drink-profeet-in-ruste Martijn Katan. Die zag kort geleden kans de halve publieke omroep te mobiliseren met gedachtengoed uit zijn bakermat Katan-stan. Wijn, begin er niet aan. En wie die alcohol toch ophemelt, doet dat omdat-ie er op de een of andere manier aan verdient. Aldus deze expert, afkomstig van een universiteit waar reeksen gesponsord onderzoek in opdracht van het bedrijfsleven de bul-bollebozen aan de ruif houden. Gemakshalve verwees Katan ieder hem onwelgevallig onderzoek naar wijneffecten op het menselijk fysiek naar de prullenbak. Met de internationale horde wetenschappers die zich daarmee bezig hielden werd de vloer aangeveegd.

 

Ook het boek ‘Wijnreis door mijn lichaam’ van Harold Hamersma vond in zijn ogen geen genade. Geen wonder dat die man zo schrijft, ten slotte moet-ie ervan eten, was de strekking van zijn commentaar. Harold, die samen met mij het Genootschap van Wijn Oeuvreprijs Winnaars in leven houdt, moest nadien nog meer onderzoeksgegoochel knarsetandend ervaren. Professor psychiatrie René Kahn mengde zich als verklaard wijn-afvallige in de landsbrede hoeveel-glazen-discussie. Hij baarde een boek ('ieder glas alcohol is vergif') waarin deze wegloper uit de Gezondheidsraad  zijn anti-wijnbetogen staafde met onderzoek dat hem goed uitkwam. Of in zijn straatje werd geïnterpreteerd. De honderden wetenschappelijke bevindingen die hem in zijn aldus gefabriceerde conclusies tegenspraken, deugden ook bij deze wijnketter niet. Nu eens was de onderzoekmethode aanvechtbaar. Dan weer waren de resultaten te begrensd in hun fysieke strekking.

 

In het midden

Tegen deze welles-nietes-cultuur in de internationale wetenschappelijke wijnwereld heeft Hamersma zich met zijn ‘Dagboek’ te weer gesteld. Niet om zijn gelijk te halen, zegt-ie zelf. Maar om in de bredere context van universeel onderzoek aan te tonen dat figuren als Katan en Kahn ons niet met halve of zelf gecomponeerde waarheden moeten proberen van een gezond glas wijn af te houden. Met succes? Het antwoord geeft de auteur zelf: “Na het doorakkeren van honderden nieuwe onderzoeksrapporten over de invloed van alcohol in het algemeen en van wijn in het bijzonder kan ik maar tot één conclusie komen: dat de waarheid (over de gevolgen van wijn drinken. J.B.) ergens in het midden ligt. En links en rechts daarvan ligt het gezond verstand”.

 

Ga er maar aan staan. Honderden onderzoeken uitpluizen, die niet altijd een duidelijk onderscheid maken tussen alcoholgebruik en –misbruik, of tussen wijn- en alcoholconsumptie. Medisch jargon begrijpelijk vertalen. Resultaten met dierproeven afstrepen als ze onrijp en gemakshalve worden doorgetrokken naar de menselijke maat. Lacunes vaststellen. Hamersma heeft die worsteling met respectabel monnikengeduld in z’n eentje doorstaan. Alleen al daarom wil ik de d e n k b e e l d i g e gouden speld die ik hem voor zijn onderzoekwerk had opgeprikt door platina vervangen.

 

Intermezzo

Een apart woord is de presentatie en vergelijking van onderzoekgegevens waard. Om aan een eindeloze grauwe opsomming te ontkomen heeft Hamersma een handige truc toegepast. Zijn woordenschat, uitdrukkingsvermogen en taal-lenigheid waren daarvoor de instrumenten. Telkens als-ie tekstueel het stadium van een diepe zucht om die wetenschappelijke brij had bereikt, liet hij bij wijze van intermezzo mevrouw Hamersma met iets lekkers binnenkomen, werd er op een zonnig buitengaats terras een fles opengetrokken of kwam er een sappig verslag van zijn wijnzwerftochten met schrijfmaat Giphart.

 

Het uitgebreide materiaal waarmee Hamersma de anti-alcohol-lobby om de oren slaat is, althans naar mijn opvatting, stukken overtuigender dan de magere selectie van Kahn of de popie-jopie-kritiek van Katan. Al moet ik vaststellen dat voorhanden contra-onderzoek ook in Hamersma's argumentatie maar een bescheiden aandeel heeft. De vermelde pro-resultaten achtte hij kennelijk stevig genoeg om Kahn en Katan te plaatsen in de rij van gelijkhebberige deskundologen die liever prioriteit verlenen aan hun wetenschappelijke ijdelheid en zucht naar publiciteit dan aan waterdicht onderbouwde ‘feiten’.

 

Samengevat: “Over het goede van wijn”, zoals de ondertitel van zijn boek luidt, heeft Hamersma een toegankelijk, prettig leesbaar boek over een ingewikkelde materie geschreven. Hier en daar gekruid met het soort droge humor, dat het verteren van al die onderzoeken gemakkelijker maakt. En de glasbak van de verveling op afstand houdt. Z’n opponenten zullen van goede(n) huize moeten komen om hem (alsnog) te overtroeven.

 

En Katan-stan lijkt mij hiermee definitief gesloopt.

 

PS. Wie van een goed glas wijn houdt, kan vanaf nu beter ophouden de zwalkende VolksKRAMP te lezen, die zich de ene keer tot een glas rode wijn bekent (Wagendorp) en die opvatting nou weer even hard kraakt. Dat lijfblad van Links laat de dik gesponsorde club van Wageningen en nog een paar andere anti-alcohol-geleerden vandaag kolommenlang afgeven op wijn. Drink met mate is een slimme zet van de industrie en haar verkoophandlangers om de zwakkeling tot zelfdestructie aan te zetten, is de boodschap. Uw beschermengelen zijn de hooggeleerde sobriëtas prekende voedingsadviseurs. Ook nu worden in het 'kwaliteitskrant'-artikel tegenvoeters comfortabel doodgezwegen, een fenomeen dat ook Hamersma in zijn Dagboek signaleert. Ook al hebben niet de eerste de beste wetenschappers honderden andere onderzoeken gepubliceerd waaruit blijkt dat een glas wijn op z'n tijd niet het begin is van zelfafbraak. We zijn benieuwd hoe de wijnbranche zèlf reageert op dit artikel, met als gapend gat het gebrek aan voldoende wederhoor, een journalistieke zonde.